07-05-07

Aarzel niet uw regionale handelsattaché te contacteren

Onderstaande tekst werd geschreven in opdracht van Publitec voor het magazine ING Onderneming (november 2005) 

Aarzel niet uw regionale handelsattaché te contacteren

Tijdens de vorige legislatuur verdween de Belgische Dienst voor Buitenlandse Handel (BDBH) en werden haar bevoegdheden volledig overgeheveld naar de gewesten en een gloednieuwe instelling: het Agentschap voor Buitenlandse handel (ABH).   Europees Parlementslid en Minister van Staat Annemie Neyts-Uyttebroeck, voorzitter van de Raad van bestuur van het ABH, praat met ons over de activiteiten van het Agentschap en de rol van de gewestelijke handelsattachés.  Annemie Neyts: Het ABH is een nieuwe instelling die gezamenlijk beheerd en gefinancierd wordt door de drie gewesten en de federale overheid. Het is bijgevolg een ‘instelling sui generis’ en geen federaal orgaan. Naast het organiseren van interregionale handelsmissies houdt het Agentschap handelsstatistieken bij op basis van de gegevens die verschaft worden door de Nationale Bank en de drie gewesten, evenals de zogeheten thesaurus van de buitenlandse handel van België. Het ABH verspreidt tot slot ook zeer specifieke informatie, bijvoorbeeld over algemene of beperkte offerteaanvragen vanuit het buitenland. 

Op de website van het ABH staat een volledig overzicht van alle handelsattachés. Wat is hun precieze taak?

Annemie Neyts: Los van de specifieke mission statements van de gewesten, is hun algemene taak het vergemakkelijken van de contacten tussen actoren op buitenlandse markten en bedrijven die gevestigd zijn in België, en dat in de ruimste zin van het woord. Elk bedrijf dat een commerciële activiteit wenst te ontwikkelen in het buitenland kan de hulp inroepen van de plaatselijke handelsattaché. Hetzelfde geldt voor bedrijven die geïnteresseerd zijn in een offerteaanvraag. Ook een buitenlandse onderneming die op zoek is naar een specifiek product dat verkrijgbaar is in België kan op hen een beroep doen. De handelsattachés staan ook steeds meer Belgische bedrijven bij die investeren in het buitenland. Een aantal van hen zijn gehuisvest in de gebouwen van de Belgische ambassade. Indien daar voldoende ruimte is, vind ik dat de ideale situatie, zeker op het vlak van promotie. Maar ik kan mij perfect voorstellen dat de gewesten attachés ook willen inzetten voor hun imagobevordering en daarom kiezen voor een eigen lokaal. 

Werpen de communautaire problemen een schaduw over het buitenlandse handelsbeleid?

Annemie Neyts: In het algemeen vind ik dat we de fase van de kinderachtigheden voorbij zijn. De tijd dat een gewestelijke minster een receptie gaf in het buitenland voor bedrijven uit zijn gewest, terwijl daar op hetzelfde tijdstip maar op een andere plaats een receptie doorging van de BDBH, ligt gelukkig achter de rug. De ideale situatie is dat de ambassadeur, de diplomaten, de handelsattachés en de eventuele culturele attachés in de praktijk zeer goed samenwerken. Want in sommige situaties is de hulp van de ambassade absoluut noodzakelijk. Bijvoorbeeld wanneer een Belgische onderneming in conflict geraakt met een buitenlands ministerie of openbare dienst. Of wanneer een bedrijf een bod heeft gedaan op een belangrijk buitenlands contract. Dan is het bijzonder nuttig en ook hoogst wenselijk om de Belgische ambassade daarvan op de hoogte te brengen.  

Kan een Vlaams bedrijf een beroep doen op een handelsattaché van een ander gewest als in zijn doelland geen Vlaamse handelsattaché is, of omgekeerd?

Annemie Neyts: In dat geval zou ik aanraden zich te richten tot de ambassade, die het dossier in eerste instantie zal overmaken aan de aanwezige handelsattaché. Er zijn trouwens heel wat plaatsen waar geen attachés zijn en de ambassade optreedt als tussenpersoon. De keuze van bestemming wordt doorgaans bepaald door twee elementen. Ofwel omdat er intensieve of waardevolle handel gevoerd wordt met het betrokken land, ofwel vanuit economische of politieke overwegingen. Bijvoorbeeld om nieuwe markten aan te boren, of om nauwere banden te smeden met een land dat bijzondere sympathieën geniet. In grote landen zoals China, India of de Verenigde Staten beschikken de gewesten vaak over handelsattachés op verschillende plaatsen. (In de VS bijv. hebben de drie gewesten samen handelsattachés in Washington, Atlanta, Chicago, Houston, Los Angeles, New York, San Fransisco en Seattle, nvdr)  

Kunt u wat meer vertellen over het nut en de deelnemingsvoorwaarden van de interregionale zendingen?

Annemie Neyts: Een bedrijf dat wenst deel te nemen, dient zich in te schrijven bij de bevoegde gewestelijke instantie. Tot nu zijn er geen beperkende voorwaarden, maar daar kan verandering in komen in de toekomst. Het is dus raadzaam om snel in te schrijven. In China waren er verschillende honderden deelnemers en dat schept logistieke problemen. Het nut van de zendingen blijkt uit de alsmaar stijgende deelname. Bedrijven investeren geen geld en tijd in een handelsmissie als ze er geen voordeel zouden uit halen. 

Hoe verklaart u het stijgende succes?

Annemie Neyts: Missies monden niet alleen uit in goede contacten en contracten tussen Belgische en buitenlandse bedrijven, maar ook tussen Belgische bedrijven onderling. Er nemen ook steeds meer KMO’s aan deel, omdat de omkadering van een dergelijke missie zeer geruststellend is bij een eerste contact op een buitenlandse markt. Bovendien is er ruimte voor individuele contacten die worden voorbereid door de handelsattachés. Daarnaast organiseren de gewesten samen of apart thematische seminaries en sociale evenementen, die vaak heel plezierig zijn.  

Hoe wordt de keuze van de bestemming bepaald?

Annemie Neyts: Dat gebeurt in overleg tussen de drie gewestelijke partners, de federale overheid en met raadpleging van de prins. De werking verloopt gestructureerd via een Raad van Bestuur met vertegenwoordigers van de diverse overheden (telkens twee uit de privé en twee uit de overheid) en de commissarissen van de drie bevoegde ministers, en via een Begeleidingscomité op managementniveau. Na een voorzichtige inrijperiode is het ABH eindelijk op kruissnelheid gekomen, en heeft met de recente verhuis naar nieuwe lokalen in de Montoyerstraat een nieuwe, frisse start genomen. Hartelijk dank voor dit gesprek.    

 

<Kader 1> 

 

Over het Agentschap voor Buitenlandse Handel 

Het ABH organiseert gezamenlijke handelsmissies, voorgezeten door Prins Filip, en beheert een gemeenschappelijk documentatiefonds. Het centrum staat ten dienste van de drie gewestelijke organisaties voor exportbevordering: FIT (Flanders Investment & Trade), Brussels Export en Agence Walllonne à l'Exportation (AWEX). Wanneer u handelsactiviteiten ontwikkelt in het buitenland, dient u zich naargelang uw vestigingsplaats tot een van de drie gewestelijke organisaties te richten.

  

 <Kader 2> 

 

Surf naar www.abh-ace.org  Op de website van het ABH vindt u heel wat nuttige informatie die van pas kan komen bij uw handelsactiviteiten in het buitenland. U treft er ook een handige tool waarmee u met een muisklik een overzicht krijgt van de coördinaten van de verschillende gewestelijke handelsattachés die gevestigd zijn in het land dat u gekozen hebt. ‘Nuttige adressen buitenland’ verwijst u door naar de adressen van de diplomatieke vertegenwoordigers.