08-05-07

De gevolgen van het Generatiepact op de tweede en derde pijler

Onderstaande tekst werd geschreven in opdracht van Headline Publishing Agency voor Delta Lloyd Magazine nr. 14 – December 2006.

 

De gevolgen van het Generatiepact op de tweede en derde pijler

 

Belgen werken hard, maar gaan te vroeg met pensioen. Met de voortschrijdende vergrijzing is de geringe activiteitsgraad onder 55-plussers op termijn onhoudbaar. Met het Generatiepact wil de regering ouderen stimuleren om langer actief te blijven, maar ook meer jongeren aan het werk krijgen. Voor dat eerste moeten een beter wettelijk pensioen en fiscale stimuli in de tweede pijler de klus klaren. Herman Craeninckx (advocatenkantoor Stibbe), Matthias Debruyckere (ADMB), Luc De Roover (Assex) en Barbara Deroose (Delta Lloyd Life) zijn het over één zaak al vast roerend eens: het Generatiepact is een stap in de goede richting, maar…

 

DL MAGAZINE: Zal het Generatiepact zijn doelstellingen waarmaken?

Herman Craeninckx: “Met de fiscale stimulansen en de maatregelen om het brugpensioen en Canada Dry te ontmoedigen gaat de regering in de goede richting om mensen langer te doen werken, maar ik ben er niet van overtuigd dat het Generatiepact de tewerkstelling zal bevorderen. Dat vergt een beter investeringsklimaat en bijgevolg een vermindering van de loonkosten.”

Barbara Deroose: “Het Generatiepact is een eerste stap in de goede richting en draagt bij tot een bredere bewustwording van de pensioenproblematiek. Enquêtes tonen aan dat vooral jongeren beseffen dat ze langer zullen moeten werken, een mentaliteit die minder is doorgedrongen bij de oudere werknemers. Maar om de tewerkstellingsgraad te verhogen, zal het Generatiepact inderdaad moeten aangevuld worden met bijkomende maatregelen, zoals een alternatieve financiering van de sociale zekerheid om de loonkosten te drukken.”

Matthias Debruyckere: “Het is al vast zeer positief dat er in België voor het eerst wordt nagedacht op lange termijn. Maar het Generatiepact gaat inderdaad niet ver genoeg om de kosten van de vergrijzing op te vangen.”

Luc De Roover: “De hervorming van ons pensioenstelsel is een proces dat zich over een lange periode zal spreiden. Het Generatiepact zie ik als een eerste aanzet. Werknemers stimuleren om later op pensioen te gaan is goed en wel, maar de werkgever moet hen ook in dienst willen houden. Daarvoor zijn bijkomende maatregelen nodig zoals bonussen of een vermindering van de sociale bijdragen voor oudere werknemers.”

 

DL MAGAZINE: Moet de pensioenleeftijd in de toekomst worden verhoogd zoals in Duitsland?

Luc De ROOVER: “Nee. De gemiddelde pensioenleeftijd in België bedraagt 57 jaar. De eerste doelstelling is de effectieve pensioenleeftijd optrekken naar 65.”

Barbara Deroose: “We moeten de oorspronkelijke regels respecteren: 60 jaar voor het brugpensioen en 65 voor het wettelijke pensioen. Helaas worden die ondergraven door allerhande uitzonderingsmaatregelen.”

Herman Craeninckx: “Momenteel werkt slechts 10% van de 60-plussers. Naarmate we dat percentage kunnen optrekken en dichter bij 65 brengen, zijn op de goede weg. Maar dat vergt wel een mentaliteitsverandering.”

Matthias Debruyckere: “Door een verhoging van de pensioenleeftijd zullen oudere werknemers aan het einde van hun carrière waarschijnlijk plots ‘ziek worden’ en hun loopbaan toch vervroegd afbreken.”

 

DL MAGAZINE: Is de pensioenbonus een goede maatregel?

Luc De ROOVER: “De regering heeft gekozen voor een systeem van beloning in plaats van bestraffing. Maar de beslissing om langer te werken, is zeer persoonsgebonden en ook afhankelijk van het verwachte pensioen. De meesten hebben daarvan echter geen idee en schatten het vaak te hoog in. De informatieplicht zal daar gelukkig verandering in brengen.”

Barbara Deroose: “De pensioenbonus geldt lang niet voor iedereen. Alleen werknemers vanaf 62 jaar of met een carrière van 44 jaar komen in aanmerking, en dat zijn vooral arbeiders.”

Herman Craeninckx: “Het is een goede maatregel, maar iemand met een mooi extralegaal pensioen zal daardoor niet langer gaan werken. In de andere gevallen stemt de bonus toch tot nadenken. Een interessante denkpiste is misschien om het wettelijke pensioen exponentieel op te bouwen in plaats van lineair. Hoe ouder men dan wordt, hoe hoger de pensioenbijdragen. Dat zou een sterkere prikkel zijn om langer actief te blijven. Natuurlijk houdt dat gevaren in zoals bij gedwongen ontslag, maar dat kan opgevangen worden door bijkomende maatregelen.”

 

DL MAGAZINE: Onder bepaalde voorwaarden betaalt men voortaan slechts 10% belastingen op het aanvullende pensioen in plaats van 16,5%. Ook voor kapitalen die komen uit een VAPZ geldt nu een voordeliger belastingheffing voor zelfstandigen die blijven werken tot hun 65. De fictieve rente wordt niet langer berekend op 100% van het uitgekeerde pensioenkapitaal, maar op 80% daarvan.

Barbara Deroose: “Op zich zijn dat goede maatregelen omdat ze producten uit de tweede pijler fiscaal nog aantrekkelijker maken, maar niemand zal daardoor worden aangemoedigd om langer aan de slag te blijven. Voor degene die dat al van plan zijn, is het wel mooi meegenomen.”

Luc De ROOVER: “De fiscale voordelen zijn overigens miniem. Een zelfstandige die op zijn 65ste 50.000 euro krijgt uitgekeerd, geniet een fiscaal voordeel van 1.500 euro, gespreid over tien jaar. Ik kan me moeilijk voorstellen dat dit een argument is om vijf jaar langer te werken. Bovendien creëer je, rekening houdende met de 80%-regel, nog altijd meer fiscale ruimte als je de leeftijd op 60 houdt. Vooral zelfstandigen met een mooi extralegaal pensioen zullen profiteren van die maatregel. Op hun 60 stoppen ze met werken, laten dat geld nog vijf jaar staan en blijven een uur per week een of ander mandaat uitoefenen. Op een kapitaal van een miljoen euro genieten ze dan een extra fiscaal voordeel van ongeveer 65.000 euro. En wat groepsverzekeringen betreft, moet ik nog altijd het eerste bedrijf zien dat zijn plan wil omzetten van 60 naar 65 jaar.”

Herman Craeninckx: Een taks van 16,5% valt overigens onder de psychologische grens van 25% die als redelijk wordt gepercipieerd. De impact van een verlaging naar 10% is bijgevolg zeer beperkt. Anderzijds geeft de regering door die verlaging wel een duidelijk signaal dat ze niet van plan is de tweede pijler zwaarder te belasten.”

 

DL MAGAZINE: Hoe ziet u de verhouding wettelijk pensioen/extralegaal pensioen in de toekomst evolueren?

Luc De ROOVER: “Ik ben ervan overtuigd dat de tweede pijler aan kracht zal winnen. De nieuwe WAP (Wet op de Aanvullende Pensioenen) ligt aan de grondslag van heel wat sectorplannen en meer zullen volgen. De regering wil het repartitiesysteem van de eerste pijler behouden, maar aanvullen met het kapitalisatiesysteem van de tweede pijler, omdat het wettelijke pensioen in werkelijkheid te laag is.”

Herman Craeninckx: “Dat is ook nodig om de stijgende kost van de vergrijzing binnen de perken te houden. Het probleem is echter dat het aanvullend pensioen niet voor iedereen is weggelegd. We zouden dat kunnen opvangen door de sociale werknemersbijdrage te verhogen met één procent, en die extra bijdrage te gebruiken voor een aanvullend pensioen, maar dan wel beheerd door de privé.”

Matthias Debruyckere: “Een goed voorstel, maar alleen haalbaar als ook de patronale bijdrage wordt verhoogd, anders zullen de vakbonden dat nooit aanvaarden. Bovendien moeten we dan ook rekening houden met de bestaande plannen in de tweede pijler.”

Luc De ROOVER: “Het probleem is dat de sociale lasten nu al veel te zwaar doorwegen. Misschien zouden we een deel van de bestaande bijdragen kunnen omzetten naar een kapitalisatiesysteem, maar dan komt de financiering van het wettelijke pensioen in gedrang. Bovendien is er een sociaal aspect: iemand met een grote wedde zal veel meer kapitaliseren dan iemand met een laag loon.”

 

DL MAGAZINE: De leeftijdsgrens voor het brugpensioen wordt vanaf 2008 verhoogd van 58 naar 60 jaar. De werkgever betaalt voor de patronale bijdragen voortaan een percentage in plaats van een forfait, en de bruggepensioneerden blijven beschikbaar op de arbeidsmarkt. Gaan die maatregelen ver genoeg?

Luc De ROOVER: “De afbouw van het brugpensioen is noodzakelijk en op dat punt is de regering niet ver genoeg gegaan. Anderzijds moeten de maatregelen haalbaar zijn en dus geleidelijk worden doorgevoerd. En akkoord, er zijn ook beroepen waarin het moeilijk is om tot je 65 actief te blijven, bijvoorbeeld kleuterleidsters of arbeiders in de zware industrie.”

Barbara Deroose: “De afbouw van het brugpensioen noodzaakt een grondige mentaliteitsverandering, want de mensen beschouwen het als een verworven recht.”

Herman Craeninckx: “Het brugpensioen is nog altijd de eerste eis van de vakbonden bij herstructureringen, maar het is wel duurder geworden. Voor ondernemingen in moeilijkheden is dat een bijkomende handicap.”

Matthias Debruyckere: “Het gewone brugpensioen wordt wel ontmoedigd. Vanaf 2008 moet de CAO uitdrukkelijk voorzien dat de aanvullende vergoeding doorbetaald wordt bij werkhervatting, zoniet wordt de procentuele bijdrage op de aanvullende vergoeding verdubbeld tot 64%. Die maatregel wijst toch op een duidelijke trendbreuk.”

 

DL MAGAZINE: Het Generatiepact ontmoedigt ook Canada Dry, een ontslagregeling waarbij de werkgever een extra toeslag betaalt bovenop de werkloosheidsuitkering van de ontslagen werknemer. Vanaf 1 april 2006 moet een bijkomende sociale zekerheidsbijdrage worden betaald op de aanvulling, die kan oplopen tot 64,5%. Hoe schat u de impact daarvan in?

Matthias Debruyckere: “Sinds het Generatiepact hebben we op ons sociaal secretariaat geen enkele Canada Dry regeling meer gezien.”

Herman Craeninckx: “Het Generatiepact is de doodsteek voor Canada Dry. Vanaf 50 jaar kost die regeling evenveel als een verbrekingsvergoeding. Alleen bij ontslag van jongere werknemers kan Canada Dry nog een interessante optie zijn.”

 

DL MAGAZINE: Wat denkt u over de verplichte pensioeninformatie?

Luc De Roover: “Een zeer goede maatregel. Vanaf 2010 krijgen we dankzij een gecentraliseerde website een duidelijk zicht op ons werkelijk pensioen en kunnen indien nodig bijkomende voorzorgsmaatregelen nemen in de tweede of derde pijler.

Barbara Deroose: “Correcte informatie over de eerste pijler zal al een hele stap vooruit zijn, zeker voor mensen met een gemengde carrière. De verzekeraars zijn nu al verplicht om hun cliënten regelmatig te informeren over zowel hun lopende als gereduceerde pensioenplannen. Het is dus geen probleem om die informatie te centraliseren. Maar er is nog veel onduidelijkheid over de organisatie en hoe de communicatie zal verlopen. Zo hanteren verzekeraars vaak verschillende parameters voor het berekenen van hun prognoses.”

 

DL MAGAZINE: Wat zijn volgens u de belangrijkste tekortkomingen van het Generatiepact?

Luc De Roover: “Een grote tekortkoming is dat de regering de pensioenbonus financiert met een taks van 1,1% op beleggingsverzekeringen en langetermijnsparen. De extrakost voor de eerste pijler wordt dus gefinancierd door de derde en vierde pijler.”

Matthias Debruyckere: “Een van de belangrijkste pijnpunten is het verstrengen van de outplacementregeling. 45-plussers  moeten bij ontslag voortaan hun outplacement aanvragen, op straffe van het verlies van hun werkloosheidsuitkering. Daardoor krijgen outplacementkantoren heel wat mensen over de vloer die tegen hun zin een begeleiding volgen. Het Deense model biedt een mooi alternatief. In Denemarken bedraagt de werkloosheidsuitkering 90% van het loon, maar is beperkt in de tijd. Anderzijds zijn de aanwervings- en ontslagregelingen er veel soepeler waardoor mensen vlot weer aan de slag geraken.”

Herman Craeninckx: “Het Generatiepact heeft vooral micro-economische effecten, terwijl voor de werkgelegenheid zich macro-economische oplossingen opdringen. Ofwel kiezen we voor een hoogtechnologische diensteneconomie en leggen ons neer bij de verhuis van de zware industrie naar lage loonlanden. Ofwel willen we de industrie hier behouden, maar dan moeten de loonkosten omlaag. Voorts is het traditionele carrièreverloop misschien aan herziening toe. Tot nu toe geldt de regel: hoe ouder je wordt, hoe meer je verdient. Waarom niet de optie bieden om het wat kalmer aan te doen vanaf 50 of 55 jaar, maar tegen een lager loon? Op die manier komt er ruimte voor de aanwerving van nieuwe, jonge werkkrachten, zonder de ervaring en knowhow van de ouderen te verliezen.”

 

13:47 Gepost door Jean Lievens in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: generatiepact, debatten, economie en financien, 004 |  Facebook |